schaakdammen

In het kader van het 75-jarig jubileum  van hun beider clubs gingen elf schakers op bezoek bij de dammers in De Karre in Tuk. De ontvangst in het speelhol was uiterst hartelijk en nadat de stukken en stenen om-en-om waren opgezet, de muziek in het aanpalende cafe enigszins was gedempt,  de voorzitters  hun praatje hadden gehouden en de schakers hun jubileumboekje als presentje  hadden overhandigd, werd uit de drie gegadigden Auke van Urk getrokken om simultaan te schaken tegen de dammers. Gerard Kroese had op zich genomen  simultaan te dammen tegen de schakers. De koffies werden aangeboden door de dammers  én  De Karre  zodat de  geldbuidel pas getrokken hoefde te worden voor het nagerecht.

Auke liet dammer John Folkers  al snel in het stof bijten, ondanks het feit dat deze allerlei grapjes in de stelling weefde zoals een verdwenen witte koning, een zwarte loper die over pionnen sprong en een uit de lucht gevallen – van Gerald geleende – dam. Jon Derks en damvoorzitter Aart Robbertsen  vormden al snel een gevaarlijke duo met als  resultaat dat Auke aldaar zijn enige nederlaag leed en dat Gerard Kroese verrast werd door een dodelijke damcombinatie op het bord van Jon. Gerrit Schoenmaker had daarvoor al voor de nodige hilariteit gezorgd door na zorgvuldige studie zijn damstenen zo te manoevreren  dat de simultaangever er in één keer 6 kon slaan, met DAM ! Terwijl Auke al zijn tweede ronde  afwerkte tegen de vier damschakers – naast Jon en Aart, ook de Jannen Bijl & Van Vliet - had lokaal damkampioen Gerard nog steeds zijn handen vol aan de overige schaakdammers die al hun strategisch inzicht in de strijd wierpen, aangemoedigd door John  die met een Grolschbeugeltje in de handen brede gebaren maakte waaruit  begrepen moest worden dat de damstenen eerst gecentreerd en daarna naar de vleugels uitgespeeld moesten worden. Overigens bestond de tactiek  van Gerard er, zo op het oog, uit om centraal  wat stenen achter – de hand – te houden en te wachten tot de schakers gaten lieten vallen. Opgerold werden zo Roelof, Oeds, Dick, Bert, Gerald  en uiteindelijk ook Rody.  Frans  wist dankzij een geniale inval van Dick in schijnbaar verloren stelling een steen vóór te komen, waarna hij ten teken van overgave de hand gedrukt kreeg, en Martinus bereikte geheel op eigen kracht een remise-plus-stelling  waarin hij puntendeling voorstelde.

 

Gemeten naar de uitslagen van de eerste ronde scoorde het voetvolk 25% tegen de simultaangevers 75%. Daarmee was de broederstrijd - zoals dat hoort - geeindigd in een gelijk spel, en bleef bovendien onbeslist van welk brein op zo'n denksportavond  nu het meest gevraagd wordt.  Uit de mond van meerdere schakers werd evenwel vernomen dat het dammen toch meer te bieden heeft dan wat simpel geschuif, en de simultaanschaker durfde zelfs de stelling aan dat dammers veel dieper moesten doorrekenen dan schakers ?!

Toch kreeg hij na afloop, net als de simultaandammer, voor zijn inzet een waardebon.

 

De ontmoeting was ook op sociaal vlak dermate geslaagd dat de dammers zichzelf uitnodigden voor een tegenbezoek aan Onna in het najaar !